Vraag

5 september 2022
Profielfoto van Annemieke Wolff
Communicatie-expert

“VoorbeeldCASUS 4 - Familie De Boer >
Over dit gezin (vader, moeder en 4 kinderen) zijn altijd zorgen geweest. In de beschrijving kun je lezen wat er speelt en waarom er zorgen zijn. Welke oplossingen heb jij voor de dilemma's die hier aan de orde komen”

Toelichting

In Vraag & Antwoord plaatsen we regelmatig een casus met een aantal dilemma's. Dit is de vierde casus. 

Hoe ga jij - als professional - om met deze dilemma’s? Wat kun je doen om deze dilemma’s te verminderen of uit de wereld te helpen? Fijn als je deelt welke oplossingen en goede voorbeelden jij zelf hebt m.b.t.. de dilemma's die hier spelen.  

Waarom?

Augeo Foundation heeft van VWS de opdracht gekregen om een brede reflectie op de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling te organiseren. Het doel is om het gebruik van de meldcode een extra impuls te geven en professionals te helpen deze in de dagelijkse praktijk beter toe te passen. Daartoe houden we in het najaar 15 bijeenkomsten waarin we met een groep professionals uit de praktijk aan de hand van een casus zoeken naar ideeën over ‘hoe om te gaan met de dilemma’s die in de dagelijkse praktijk aan de orde kunnen zijn’. Vervolgens gaan we de casussen, de analyse ervan en de uitkomsten van de bijeenkomsten, oftewel de ‘lessons learned’ en wat je daar mee kan in de praktijk, heel toegankelijk en breed delen met alle professionals die werken met de meldcode.

We leggen hier op ons channel ‘Veiligheid in gezinnen’ graag de eerste casussen voor en nodigen iedereen uit te reageren op de dilemma’s die we hier schetsen. In theorie weten veel professionals hoe te handelen en welke stappen te nemen in casussen als deze. In praktijk blijkt dat minder makkelijk en staan er allerlei dingen in de weg om te handelen.

Fijn als jij, vanuit je praktijkkennis, je ervaringen, ideeen, goede voorbeelden daarover deelt. 

NB. Het is bekend dat scholing over werken met de meldcode voorwaarde is om er ook daadwerkelijk goed mee te kunnen werken. Dit blijkt in de praktijk onvoldoende om de hier besproken dilemma’s uit de weg te ruimen; we zoeken dus andere voorbeelden, manieren en oplossingen.

Motivatie

Casus 7: Familie De Boer

 

Deze fictieve casus betreft een gezin bestaande uit vader, moeder en vier kinderen waarvan Petra (8), Rachel (10)  en John (7) het PO bezoeken en Bart (3) naar de peuterspeelzaal gaat.

 

Beschrijving van de situatie:

 

  1. Over het gezin De Boer zijn altijd zorgen geweest.  De kinderen hebben hun spullen niet op orde, ze hebben een verwaarloosd uiterlijk, komen vaak te laat, maken veel ruzie in de klas en op het schoolplein en zijn vaak betrokken bij vechtpartijtjes. Andere kinderen gaan dit gezin een beetje uit de weg. Met de ouders is moeilijk contact te krijgen. Kinderen krijgen wel eens een tik van een van hun ouders zeggen ze. Ouders zijn daar op aangesproken en wuiven dat weg. Ze zeggen dat het bij hun manier van opvoeden hoort en dat de kinderen anders niet luisteren.

Dilemma: signalen van kindermishandeling en huiselijk geweld worden onvoldoende  herkend door verschillende professionals.

  • Hoe kunnen we ervoor zorgen dat professionals signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling tijdig herkennen en weten te objectiveren naar concrete signalen? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat signalen zo snel mogelijk worden opgepakt en niet in tijd worden doorgeschoven?

 

Dilemma: professionals voelen onvoldoende zelfvertrouwen om het gesprek met direct betrokkenen te voeren.

  • Hoe kunnen we dit dilemma verminderen en ervoor zorgen dat professionals voldoende vertrouwen hebben deze gesprekken te voeren en dat ook daadwerkelijk doen?

 

  1. Vader De Boer heeft ruzie met een buurman, ze treffen elkaar op het schoolplein en maken daar luidruchtig ruzie. De directeur grijpt in. Vader is daarbij heel agressief en verlaat schreeuwend het schoolplein.
  2. Als de vader weg is, vertelt de buurman dat het bij het gezin thuis niet fris is en dat hij de vader wel eens met een vuurwapen heeft gezien.
  3. School twijfelt over wat te doen, wel of niet melden? Dat durven ze niet goed vanwege eerdere ervaringen met dit gezin en verhalen uit de buurt.
  4. De IBer en leerkracht brengen het gezin in het zorgoverleg in. Die zeggen dat school moet melden. School wil dat niet, vanwege hun eigen veiligheid. Ze zijn al eens eerder bedreigd en bovendien woont een aantal leerkrachten in hetzelfde dorp als dit gezin.

Dilemma: professionals melden signalen van onveiligheid niet uit angst voor hun eigen veiligheid of de veiligheid van betrokkenen.

  • Hoe kunnen we ervoor zorgen dat professionals een veilige meldingen kunnen doen en Veilig Thuis daar zo vroeg mogelijk bij betrekken?

 

Dilemma: kinderen en jongeren geven aan dat zij zich onvoldoende betrokken voelen in de stappen van de meldcode.

  • Hoe kunnen we ervoor zorgen dat kinderen en jongeren altijd worden betrokken bij belangrijke beslissingen die hen aangaan in de stappen van de meldcode?
Profielfoto van Frank Manders
Maatschappelijk werker en aandachtsfunctionaris

Dilemma: professionals voelen onvoldoende zelfvertrouwen om het gesprek met direct betrokkenen te voeren.
Hoe kunnen we dit dilemma verminderen en ervoor zorgen dat professionals voldoende vertrouwen hebben deze gesprekken te voeren en dat ook daadwerkelijk doen?
Als beginnende aandachtsfunctionaris en maatschappelijk werk van de revalidatie dagbehandeling heb ik mezelf als belangrijkste doel gesteld om gevoelens van niet pluisgevoel verder te onderzoeken ipv wegpoetsen. Te vaak denk ik dat het niet aan ons is iet te vinden en we willen onze normen en waarden niet leidend laten zijn. Het allerbelangrijkste is dat er ruimte is nietpluisvevoelens te erkennen en te delen met elkaar. Het is geen individuele uitdaging om in gesprek te zijn maar een gemeenschappelijke. Het gevoel moet zijn dat je gesteund bent door je team.
Voordat er een gesprek is heb je de signalen vast gelegd en feiten van gedachten en vermoedens gescheiden. Je hebt aan een of meerder collega's gevraagd wat zij aan kunnen vullen of dat zorgen al worden geneutraliseerd.
In gesprek gaan is voorbereid. je voelt je gesteund.
De basis van zelfvertrouwen is niet alleen weten wat je kunt maar ook weten dat je gesteund bent.

Profielfoto van Hetty Koenraads
Psychiatrisch Maatschappelijk Werker

Dilemma 1
Als er altijd al zorgen zijn geweest... het oudste kind is 10! - en ouders zijn een keer aangesproken over een tik gemeld door (een van) de kinderen... Wat is er dan met al die andere waarnemingen gedaan? Hoe is met de wegwuivende houding van ouders en rechtvaardiging van hun pedagogische aanpak omgegaan? Kan het zijn dat al in een vroeg stadium zaken zijn blijven liggen? Hoe serieus is het contact gezocht met ouders? En door wie? Ik denk niet dat een leerkracht van school hier alleen in moet staan bijvoorbeeld, maar ook directie en rol heeft. Nog voor vader agressief op het schoolplein staat. Hebben docenten van de 3 kinderen in PO de koppen bijeen gestoken - dossier opgebouwd - contact gezocht met peuterspeelzaal en overlegd met directie en Veilig Thuis geconsulteerd?

Dilemma 2
Steekhoudend is de waargenomen ruzie op school. Het verhaal van de buurman - en andere verhalen zeggen mij niets. Agressie van vader naar de buurman zegt nog niets over hoe hij met zijn kinderen omgaat. Toont hij deze agressie terwijl er kinderen op het plein zijn, dan geeft dat mij het vermoeden dat hij zich op dat moment mogelijk niet bewust is van de impact op kinderen van zijn gedrag / of daar in ieder geval weinig rekening mee houdt of kan houden. Volgens mij beslist een zorgoverleg (wie zijn dat) niet over al dan niet melden. Het is niet helder wat de bedoeling was van het inbrengen van de casus, waar wilden de IB-er en de leerkracht antwoord op. School wil niet melden,,,, wie is school? De IB-er? De leerkracht? De directeur? Naar mijn idee zijn er nog een heel aantal stappen alvorens de vraag komt om wel of niet te melden. Goed intern overleg? Nagaan wie de beste ingang heeft in dit gezien. Feiten scheiden van verhalen. Zorgen en signalen wegen. Wat is nog niet met deze ouders besproken - bereid zijn hun verhaal te horen. En dus eerst met een aantal betrokkenen van school zelf in gesprek gaan met ouders en de zorgen uiten. Houdt het simpel, maak er niet meteen een groot verhaal van - dan hoef je ook niet uit te gaan van dreiging.
Ze zijn al eens eerder bedreigd - zegt me weinig - wie zijn bedreigd door wie? Angst is een slechte raadgever. Een zorgvuldige en zuivere insteek roept normaalgesproken geen dreiging op. Beschuldigingen, invullen, aannames doen en mensen al als gevaarlijk wegzetten roept eerder die bedreiging op. Ik lees niet dat deze ouders eerder bedreigend zijn geweest.

Zorgen voor veiligheid zit in de manier waarop je het gesprek voert - zo is mijn overtuiging. Niet in het meenemen van een politieagent.

Dilemma 3 - Lijkt een wat losse flodder onder deze casus. Er zijn richtlijnen voor hoe je kinderen betrekt. Goed zien wat er gebeurt, luisteren naar deze kinderen, erkenning geven aan hun beleving (ook loyaliteit en angst), ze serieus nemen, niet uithoren, informeren (op hun niveau en op een niet belastende manier), niets beloven wat je niet waar kunt maken.

De academie praten met kinderen geeft hier goede tips over... https://academiepratenmetkinderen.nl/praktijkboek-praten-met-kinderen-over-kindermishandeling/

Profielfoto van Linda Otterman
Directeur

Dilemma: signalen van kindermishandeling en huiselijk geweld worden onvoldoende herkend door verschillende professionals.
Dat is zo. Maar vaak zie ik ook dat het juist zo vooraan staat dat het 'goede' en positieve in het gezin en de onmacht van de ouders vaak over het hoofd wordt gezien.

Dilemma: professionals voelen onvoldoende zelfvertrouwen om het gesprek met direct betrokkenen te voeren. vind ik passen bij het Dilemma: professionals melden signalen van onveiligheid niet uit angst voor hun eigen veiligheid of de veiligheid van betrokkenen.
ik denk dat dan training in hoe voer je dat gesprek en het handboek dat Donja Maerten deelt goed is.

Dilemma: kinderen en jongeren geven aan dat zij zich onvoldoende betrokken voelen in de stappen van de meldcode.
deze vind ik heel belangrijk. Vraag kinderen ook op een plek apart (juist op school) hoe het thuis is. En wat ze zouden wensen hoe het thuis is en hoe de juf iets kan doen zodat hun wens waar wordt. Realiseer je ook dat kinderen niet durven praten.

Belangrijkst vind ik wellicht deze heftige melding te voorkomen. Dus op tijd een vertrouwensband met ouders aan te gaan. Hun zorgen en dilemma's te horen, serieus te nemen, hulp aan hen te bieden. Vaak willen ouders dat niet omdat ze meteen de controle voelen en de angst voor Veilig Thuis. Ik merk dat wij als Samen Oplopen vaak wél zo'n vertrouwensband kunnen kweken. Alleen al omdat een mede-inwoner, zonder agenda en opdracht vanuit zijn/haar hart een aantal uur per week vrijwillig met zo'n gezin wil oplopen. Een vrijwilliger samen met hulpverlener als coördinator die het gezin door en door leert kennen en hun stress en zorgen ziet, er voor hen kan zijn, samen stress oplost. Maar waar nodig ook het gesprek aan gaat (de coördinator) wat voor de kinderen goed is en ook wat echt NIET goed is en dus veranderen moet. De coordinator werkt samen met zorg, waar nodig of zelfs Veilig Thuis maar kan toch de ouders binnen boord houden. Allemaal uiteindelijk om te zorgen dat de kinderen veilig en gezond opgroeien.

Profielfoto van Donja Maerten
Beleidsmedewerker

ik vraag onze medewerkers altijd om minstens 1 keer per jaar de signalenlijsten door te nemen, dat opent de ogen vaak.

en voor onze organisatie (onderwijs en opvang) hebben wij een handboek in gesprek over zorgen geschreven/bijeen gezocht.
En er is een stappenplan/protocol ongewenst gedrag. dit geeft toch wat houvast over hoe je kunt reageren op agressie. waardoor die stap minder eng is.
1 van de eerste afspraken is, haal er iemand bij die ervaring heeft in dit soort gesprekken, dat geeft zekerheid. en bel VT vooraf al voor advies.

in datzelfde handboek staat ook een heel hoofdstuk over hoe je kunt en mag praten met kinderen. en hoe ze je erbij kunt betrekken.
en de grootste tip is toch om je te verplaatsen in de kinderen die in dat gezin wonen, als jij al beng bent voor één gesprek, hoe moeten die kinderen zich dan wel niet voelen.
beetje emotionele chantage misschien maar voor mij toch altijd de drijfveer om tot actie te komen.